De pleininrichting (1) – agile sprookjes

Door Arjen Uittenbogaard

Over de agile sprookjes
Elke paar weken post ik hier een sprookje dat ik maakte voor een zakelijke context en schrijf ik over de kracht van zulke verhalen. Onder het verhaal geef ik een toelichting op de context waarbinnen en de reden waarom ik het schreef.
Eerdere posts in deze serie:

De pleininrichting (1)
Her en der werden mensen wat nerveus. Bouwmeesters waren vaker op de bouwplaats dan anders. Opzichters controleerden nu bijna elk uur hun aantekeningen. Boeren, burgers en buitenlui stonden in groepjes in de straten rond het dorpsplein. Het was ook niet niks. Het hele dorp zou bijeenkomen in de grote hal van het stadhuis. Twee dagen geen korrel graan van het land, twee dagen geen borrel drank uit de ketels, twee dagen geen vers brood op de plank. Vele raadsvergaderingen waren eraan gewijd. De burgemeester had weken lopen piekeren. Maar nu had hij de knoop doorgehakt. Het ging gebeuren.

***

Het dorp verdiende een mooi plein, daarover was iedereen het eens. Maar dat was dan ook het enige waarover ze het eens waren. Eigenlijk was er al gedoe sinds ze hadden besloten dat dat plein er zou komen. In het begin ging iedereen zijn gang. Het plein was groot genoeg. Perkjes aan de ene kant, een pomp aan de andere. Bankjes hier, een standbeeld daar. Er kwam een markt, die al snel twee keer per week het hele plein in beslag nam. Sommige venters bouwden schuurtjes waar ze hun kraam en voorraad in bewaarden. Dat had geleid tot de eerste protesten. Handelaren die een zaak aan het plein hadden klaagden over oneerlijke concurrentie. De schuurtjes verdwenen, maar daarmee was de rust allerminst weergekeerd. Een van de boeren had een hoekje van het plein afgezet en liet er dag en nacht zijn ganzen rondlopen. Dat leidde tot klachten van bewoners over lawaai en stank. Steeds vaker was er onenigheid over de inrichting van het plein.
Na een aantal nachtelijke ongeregeldheden nam de wethouder de teugels in handen. Er moest orde komen in deze chaos. Omdat orde nooit vanzelf komt riep hij enkele notabelen bij zich. Zij vormden als vertegenwoordiging van de bevolking met hem en een bouwmeester de commissie Plein. Deze commissie maakte een plan om het hele plein voor eens en voor al goed in te richten.
Timmer- en bouwlieden werden aangetrokken, het plein werd leeggeruimd, er werden schuttingen opgetrokken en maandenlang werd er aan het plein gewerkt. Hoe langer het duurde, hoe meer er gemord werd. De bevolking wilde nu langzamerhand weleens weten wat de notabelen hen in de maag aan het splitsen waren. Ook de bouwlieden begonnen te mopperen. De bouwmeester en de opzichters keken hen op de vingers, bemoeiden zich met elk detail. Wie waren hier nou de vaklieden? Wie kon hier nou het beste een muur metselen, een straat betegelen of een zwaluwstaartverbinding maken? De notabelen ontkenden het vakmanschap niet, maar vonden dat iemand toch het overzicht over de inrichting van het héle plein moest houden. Toen de schuttingen uiteindelijk werden weggehaald en de bevolking het nieuwe plein kon aanschouwen barstte de bom. Hoe had de commissie dit kunnen bedenken! Wat was dit nou voor een plein!

***

Sommigen zeiden dat de burgemeester de aanstaande vergadering had bedacht omdat hij ten einde raad was. Alsof hij had gedacht: “Dán moeten ze het zelf maar uitzoeken!” Anderen dachten dat het kwam omdat hij onder invloed stond van een paar professoren uit de grote stad met rare ideeën over burgerparticipatie. Weer anderen dachten dat de burgemeester goed had geluisterd naar alle meningen en dat hij had geconcludeerd dat er in het dorp genoeg ideeën waren over de indeling van het plein en over de realisatie daarvan. Niemand had de wijsheid in pacht, maar gezamenlijk zouden ze verder kunnen komen.
Hoe dan ook, nog nooit was de gehele bevolking hierover met elkaar in gesprek geweest. Nog nooit was er in gezamenlijkheid geluisterd naar elkaars ideeën en naar de mogelijkheden en onmogelijkheden daarvan. Daarom had hij deze vergadering voorgesteld, de vergadering over de pleininrichting. Een vergadering waarin alle wensen konden worden besproken en waarin gezocht zou worden naar een manier om zoveel mogelijk aan die wensen tegemoet te komen. Een vergadering waarin de bouwers in gesprek zouden gaan met de burgers om te zien wat de consequenties van die wensen waren. Misschien dat sommige verzoeken zo groot waren dat ze nooit op het plein zouden passen. Misschien dat sommige verzoeken elkaar in de wielen reden. In het gesprek zouden wensen misschien iets aangepast kunnen worden, of gecombineerd met andere. Om zo tot een werkbare inrichting te komen.
Over enkele dagen was het zover.
(Wordt vervolgd…)

Over dit verhaal
Dit verhaaltje heb ik niet eerder gepubliceerd. Het werd mij afgeraden. Ik schreef het toen ik als coach binnen een organisatie meewerkte aan het eerste PI-event dat daar gehouden werd. We lieten ons bij het meer agile worden van de organisatie inspireren door het Scaled Agile Framework, SAFe®. In dit raamwerk is het PI-event een tweedaagse workshop waarin alle teams gezamenlijk een plan maken voor de komende sprints. Alle teams gezamenlijk… dat was natuurlijk een enorme investering. Bovendien, de planningsproblemen waren erg ingewikkeld. Was het niet verstandiger om dat te doen met de paar mensen die het geheel konden overzien? Met dergelijke argumenten was het eerste PI-event maandenlang afgehouden, maar een dappere lijnmanager hakte uiteindelijk de knoop door. Het ging gebeuren.
In de aanloop naar het event liep de spanning af en toe hoog op. Met dit verhaaltje wilde ik voor wat lucht zorgen. Ik liet het vooraf aan een aantal mensen lezen. Die vonden allemaal dat hoe ik sommige zaken beschreef door anderen mogelijk verkeerd opgevat zou kunnen worden. Ik wilde in deze situatie absoluut geen mensen tegen de schenen schoppen en besloot het verhaaltje dus voor mezelf te houden.
Ik weet niet of ik dat een volgende keer weer zou doen.

Arjen Uittenbogaard

Arjen is verhalenverteller. Een training van hem is een ervaring die je niet licht vergeet. Hij is ook regisseur van improvisatietoneel. Dat vindt hij een mooie metafoor voor zijn werk in het coachen van teams en individuen in organisaties die meer agile willen worden. Want dat is zijn expertise: agile werken. Daar heeft hij al twintig jaar ervaring mee en daar is hij goed in. Zijn hart gaat uit naar de menselijke kant van het werk, naar de communicatie en de samenwerking. Daarbij weet hij alles van complexe adaptieve systemen: omgevingen waarin niets is wat het lijkt, waar best practices je op het verkeerde been kunnen zetten en waar je steeds zult moeten experimenteren en leren. Ook heeft hij nog steeds lol van zijn achtergrond in object georiënteerde softwareontwikkeling: hij mag ontwikkelaars graag uitdagen op hun ontwerpen en de toepassing van design patterns daarin.

06 - 59 443 440

Andere posts

Klik hier