Plat getal of werkelijke waarde?

Door Arjen Uittenbogaard

Ze hadden de schijn tegen. Hun velocity was sprint na sprint laag. Tot nu toe was dat geaccepteerd, maar ondertussen moest de productiviteit echt eens omhoog. De klant moest meer waar voor zijn geld krijgen. Andere team mopperden: zij moesten hard werken terwijl dit team lekker bezig was met spielerei. Het was hen in niet te miskennen bewoordingen te kennen gegeven: de velocity móest omhoog. De stemming in de retrospective was bedrukt. Ze wilden met z’n allen maar wat graag gaan knallen. Er was absoluut geen gebrek aan ambitie. Maar het was te vroeg. Als ze nu zouden toegeven en alleen maar weer op de snelle klanttevredenheid zouden mikken; als dat getalletje, die velocity, koste wat het kost omhoog moest, dan zou alles wat ze aan het opbouwen waren voor niets zijn geweest.

Er moest nog zo veel gebeuren dat voor de klant gewoonweg niet zichtbaar was. In de afgelopen sprints hadden ze veel werk verricht om zowel de code als de omgeving waarin gewerkt werd te verbeteren. Er was op alle vlakken veel achterstallig onderhoud, waar tot nog toe vooral kunstig omheen was gemanoeuvreerd. De andere teams waren vooral op hun eigen stukje code bezig en daar wisten ze precies hoe ze de problemen moesten omzeilen. Dit team was het eerste dat de problemen integraal probeerde aan te pakken. Het ging met vallen en opstaan en af en toe hadden ze de andere teams daarmee in de wielen gereden, wat ook al niet hielp om een beetje goodwill te krijgen. Ze hadden waardevolle stappen gezet. Maar er moest nog zoveel gebeuren. De stemming was bedrukt. Velocity was toch niet bedoeld om op afgerekend te worden? Maar nu werd het van hogerhand als maatstaf gebruikt die naar believen hoger kon worden gelegd. De frustratie was voelbaar. Er werden opties gesuggereerd om het verbeterwerk ook in de velocity mee te gaan tellen. Om op een of andere creatieve manier dat getal omhoog te krijgen. Oplossingen die het werkelijke probleem niet zouden adresseerden.

Toen nam het gesprek een interessante wending. Iemand suggereerde dat het toch te zot voor woorden was dat hun velocity als getalletje op een dashboard het enige was dat de buitenwereld leek te interesseren. Ze moesten als team veel meer hun best gaan doen om te vertellen wat ze deden en waarom dat zo belangrijk was. In hun demo’s moesten ze veel meer doen dan alleen dat beetje functionaliteit dat ze hadden gebouwd te demonstreren. Niet iedereen stond meteen te trappelen, want het voelde als grootdoenerij. Tegelijk beseften ze dat er iets gedaan moest worden aan hoe er tegen hun werk werd aangekeken. Die perceptie begon bij wat zijzelf vertelden en lieten zien. Tot nu toe waren dat magere demo’s en dat ene getalletje, hun velocity, geweest. Het werd tijd dat ze het hele verhaal gingen vertellen.

Arjen Uittenbogaard

Arjen is verhalenverteller. Een training van hem is een ervaring die je niet licht vergeet. Hij is ook regisseur van improvisatietoneel. Dat vindt hij een mooie metafoor voor zijn werk in het coachen van teams en individuen in organisaties die meer agile willen worden. Want dat is zijn expertise: agile werken. Daar heeft hij al twintig jaar ervaring mee en daar is hij goed in. Zijn hart gaat uit naar de menselijke kant van het werk, naar de communicatie en de samenwerking. Daarbij weet hij alles van complexe adaptieve systemen: omgevingen waarin niets is wat het lijkt, waar best practices je op het verkeerde been kunnen zetten en waar je steeds zult moeten experimenteren en leren. Ook heeft hij nog steeds lol van zijn achtergrond in object georiënteerde softwareontwikkeling: hij mag ontwikkelaars graag uitdagen op hun ontwerpen en de toepassing van design patterns daarin.

06 - 59 443 440

Andere posts

Klik hier